Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], eiser
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Syrische nationaliteit dragende asielzoeker, diende op 8 oktober 2023 een asielaanvraag in Nederland in. Verweerder nam deze aanvraag niet in behandeling omdat Kroatië verantwoordelijk is voor de behandeling, aangezien eiser daar op 12 september 2023 een verzoek om internationale bescherming had ingediend. Dit besluit is genomen op basis van de Dublinverordening.
Eiser voerde aan dat Kroatië niet betrouwbaar is vanwege gedwongen afname van vingerafdrukken, gebrek aan opvang, mensonterende behandeling en mishandeling door de politie, en het risico op pushbacks. De rechtbank stelt dat verweerder mag uitgaan van het interstatelijk vertrouwensbeginsel en dat eiser onvoldoende bewijs heeft geleverd om dit te weerleggen.
De Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigde eerder dat Kroatië als verantwoordelijke lidstaat kan worden beschouwd en dat er geen aanwijzingen zijn voor pushbacks. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij in Kroatië de asielprocedure wilde doorlopen en heeft de terugname geaccepteerd.
De rechtbank oordeelt dat de medische situatie van eiser geen reden is om overdracht te weigeren, omdat Kroatië vergelijkbare medische voorzieningen biedt. Ook de klachten over mishandeling zijn onvoldoende onderbouwd en kunnen bij Kroatische instanties worden ingediend.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter K.M. de Jager op 18 maart 2024 te Middelburg.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is ongegrond verklaard omdat Kroatië verantwoordelijk is voor de behandeling.