Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 15 maart 2024 in de zaak tussen
[eiser], uit [woonplaats], eiser
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank, verweerder
de Staat der Nederlanden (minister van Justitie en Veiligheid), de Staat.
Procesverloop
Overwegingen
Relevante wet- en regelgeving
Beslissing
- verklaart het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding wegens onrechtmatige besluitvorming af;
- wijst het verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn toe;
- veroordeelt verweerder tot betaling aan eiser van een schadevergoeding van
- veroordeelt de Staat tot betaling aan eiser van een schadevergoeding van € 1.714,29;
- veroordeelt verweerder en de Staat in de proceskosten van eiser tot een bedrag van in totaal € 437,50 (ieder € 218,75);
- draagt verweerder en de Staat op om het griffierecht van in totaal € 49,- (ieder