ECLI:NL:RBDHA:2024:3032
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen vaststelling zorg-, huurtoeslag en kindgebonden budget op basis van inkomensgegevens
Eisers hebben beroep ingesteld tegen de definitieve vaststelling van zorgtoeslag 2019, huurtoeslag 2019 en 2020 en het voorschot kindgebonden budget 2021. Verweerder heeft de toeslagen vastgesteld op basis van inkomensgegevens uit de Basisregistratie Inkomen (BRI) zoals vastgesteld door de inspecteur van de inkomstenbelasting. Eisers betwisten het gebruik van deze inkomensgegevens en stellen dat aftrekposten niet zijn meegenomen en verzoeken om kwijtschelding van rente en dwangsommen.
De rechtbank oordeelt dat verweerder bij de berekening van toeslagen gebonden is aan de inkomensgegevens uit de BRI en niet mag afwijken voor aftrekposten. De herzieningen van toeslagen en terugvorderingen zijn terecht. De rente is wettelijk geregeld en kan niet worden kwijtgescholden op grond van geloofsovertuiging. Verweerder heeft ook geen dwangsommen verschuldigd omdat op alle bezwaren is beslist.
De redelijke termijn voor de behandeling van bezwaar en beroep is met negen maanden overschreden, waarvoor verweerder een immateriële schadevergoeding van € 1.000,- moet betalen. Verzoeken om schadevergoeding wegens onrechtmatig handelen worden afgewezen omdat het beroep ongegrond is. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten en tot vergoeding van griffierechten en forfaitaire verletkosten.
Uitkomst: De beroepen worden ongegrond verklaard en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding redelijke termijn.