ECLI:NL:RBDHA:2024:17569
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverordening
Eiser, met de Turkse nationaliteit, diende een asielverzoek in Oostenrijk in juli 2023. Nederland weigerde zijn asielaanvraag in behandeling te nemen omdat Oostenrijk volgens de Dublinverordening verantwoordelijk is. Eiser betoogde dat hij meer dan drie maanden buiten de EU verbleef, waardoor Nederland verantwoordelijk zou zijn, en dat hij onvoldoende gelegenheid kreeg hierover te verklaren.
De rechtbank oordeelde dat de minister voldoende vragen stelde tijdens het aanmeldgehoor en dat eiser onvoldoende aannemelijk maakte dat hij drie maanden buiten de EU verbleef. Het beroep op bewijsnood werd verworpen omdat eiser niet onderbouwde waarom hij geen bewijs kon overleggen. Daarnaast werd het risico op een behandeling in strijd met artikel 3 EVRM Pro en artikel 4 Handvest Pro door terugkeer naar Oostenrijk niet aannemelijk gemaakt.
Ook het beroep op artikel 17 van Pro de Dublinverordening, waarbij Nederland de asielaanvraag vrijwillig zou moeten behandelen, werd afgewezen vanwege het ontbreken van bijzondere omstandigheden. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en liet het besluit van de minister in stand.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het besluit tot niet in behandeling nemen van de asielaanvraag blijft in stand.