ECLI:NL:RBDHA:2024:10765
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.M. Emaus-Visschers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag op grond van Dublinverordening en interstatelijk vertrouwensbeginsel
Eiser heeft een asielaanvraag ingediend die door de minister niet in behandeling is genomen omdat Letland verantwoordelijk is voor de aanvraag op grond van de Dublinverordening. Eerder was eiser al overgedragen aan Letland, maar hij keerde terug naar Nederland en diende een opvolgende aanvraag in. De rechtbank beoordeelt of het interstatelijk vertrouwensbeginsel kan worden toegepast en of artikel 17 van Pro de Dublinverordening van toepassing is.
De rechtbank stelt vast dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel geldt, waarbij de minister mag vertrouwen op de naleving van internationale verplichtingen door Letland. Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat Letland een fundamentele systeemfout kent die een uitzondering op dit beginsel rechtvaardigt. De door eiser aangevoerde detentieomstandigheden en mensenrechtenschendingen zijn niet voldoende onderbouwd om het vertrouwen in Letland te doorbreken.
Ook het beroep op artikel 17 van Pro de Dublinverordening, dat een discretionaire bevoegdheid geeft om de asielaanvraag in Nederland te behandelen wegens onevenredige hardheid, wordt afgewezen. De minister heeft dit zorgvuldig gemotiveerd en de omstandigheden van eiser, waaronder de ziekte van zijn zoon, rechtvaardigen geen afwijking. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt het besluit van de minister.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het besluit om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen blijft in stand.