Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[naam], eiser V-nummer: [nummer]
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Marokkaanse nationaliteit, is sinds 28 november 2022 onderworpen aan een maatregel van bewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft het onderzoek schriftelijk afgedaan en het onderzoek gesloten op 27 maart 2023.
De rechtbank heeft eerder de rechtmatigheid van de maatregel beoordeeld in meerdere uitspraken, waaronder van 15 december 2022 en vervolgberoepen in januari, februari en maart 2023. Het geschil richt zich nu uitsluitend op de periode na 15 maart 2023. Eiser voert aan dat er geen zicht is op uitzetting naar Marokko vanwege het uitblijven van een reactie van de Marokkaanse autoriteiten op de laissez-passer aanvraag.
De rechtbank stelt vast dat in het algemeen sprake is van zicht op uitzetting naar Marokko, gesteund door een recente uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Eiser heeft geen concrete feiten aangevoerd die het ontbreken van zicht op uitzetting onderbouwen. Ook het verleden waarin Marokkaanse autoriteiten niet meewerkten aan lp-aanvragen leidt niet tot een ander oordeel. De rechtbank ziet bovendien geen reden om ambtshalve de voortzetting van de bewaring onrechtmatig te achten.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.