ECLI:NL:RBDHA:2023:15979
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Somalische minderheidsclan wegens onvoldoende zwaarwegendheid en veiligheidssituatie
Eiser, een Somalische minderjarige van een minderheidsclan, verzocht om een verblijfsvergunning asiel, stellende dat hij vanwege clanvervolging en bedreigingen door een gewapende groepering niet veilig naar Somalië kon terugkeren. De staatssecretaris wees de aanvraag af wegens onvoldoende zwaarwegendheid van de relevante elementen en twijfels over de authenticiteit van de overgelegde documenten.
De rechtbank toetste de authenticiteit van de documenten aan de Vreemdelingencirculaire 2000 en het Algemeen Ambtsbericht Somalië. Geconcludeerd werd dat de documenten niet als officieel en maatschappelijk gebruikt konden worden aangemerkt en dat de authenticiteit niet kon worden vastgesteld vanwege de onbetrouwbare persoonsregistratie in Somalië. Daarnaast vond de rechtbank dat de verklaringen over bedreigingen en rekrutering niet concreet en zwaarwegend genoeg waren om een reëel risico op ernstige schade aan te nemen.
Ook de vrees voor vervolging wegens discriminatie werd niet aannemelijk geacht, omdat eiser geen ernstige beperkingen in zijn bestaansmogelijkheden kon aantonen. De algemene veiligheidssituatie in Somalië bood geen grond voor asiel, aangezien eiser niet in de negatieve aandacht van de gewapende groepering stond en Mogadishu onder regeringscontrole is.
Het beroep op een onterecht opgelegd terugkeerbesluit werd buiten beschouwing gelaten wegens strijd met de goede procesorde. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees de asielaanvraag af, zonder proceskosten toe te kennen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de asielaanvraag af wegens onvoldoende bewijs van een reëel risico op ernstige schade.