ECLI:NL:RVS:2022:3147
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- H.G. Sevenster
- M. Soffers
- Rechtspraak.nl
Bevestiging besluit niet in behandeling nemen asielaanvraag bij twijfel over minderjarigheid in Dublinzaken
De vreemdeling uit Guinee diende op 13 januari 2021 een asielaanvraag in en gaf een geboortedatum in 2004 op. De AVIM concludeerde dat hij evident minderjarig was, terwijl de IND twijfel had over zijn leeftijd. Uit Eurodac-onderzoek bleek dat hij in Italië, Duitsland, Frankrijk en Zwitserland met verschillende geboortedata en aliassen was geregistreerd, waaronder meerderjarige en één minderjarige registratie. De staatssecretaris ging uit van de Zwitserse registratie van 1 januari 2002 en achtte hem meerderjarig, waarna de aanvraag niet in behandeling werd genomen.
De vreemdeling overhandigde een Jugement supplétif en een geboorteakte uit 2019 om zijn minderjarigheid te staven, maar de staatssecretaris hechtte hieraan onvoldoende waarde omdat deze documenten geen identificerende kenmerken bevatten en in fotokopie waren overgelegd. Het beleid van de staatssecretaris houdt in dat bij twijfel navraag wordt gedaan bij lidstaten over de leidende registratie en dat bij conflicterende meerder- en minderjarige registraties wordt uitgegaan van meerderjarigheid, mits de registratie zorgvuldig is.
De Afdeling oordeelt dat het beleid niet onredelijk is en dat de staatssecretaris terecht van meerderjarigheid is uitgegaan gezien de veelheid aan geboortedata en aliassen die verwarring zaaien. De vreemdeling heeft onvoldoende concrete aanknopingspunten gegeven om de meerderjarige registraties te betwisten. De rechtbankuitspraken worden bevestigd en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De staatssecretaris heeft terecht de asielaanvraag niet in behandeling genomen omdat de vreemdeling meerderjarig is volgens de leidende registratie.