ECLI:NL:RBDHA:2022:5928
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op herziening toekenning OVW-periodieken met terugwerkende kracht
Eiser, werkzaam bij de politie, vordert herziening van het besluit tot toekenning van Onvermijdelijk Verzwarende Werkomstandigheden (OVW) periodieken met terugwerkende kracht vanaf 2012. Verweerder had eerder OVW-periodieken toegekend vanaf augustus 2020, naar aanleiding van een uitspraak van de hoogste bestuursrechter in 2020.
Eiser stelt dat hij het aanspraakbesluit uit 2014 niet heeft ontvangen en daardoor geen bezwaar kon maken. Verweerder betwist dit en stelt dat het besluit naar alle medewerkers is verzonden en dat het in rechte vaststaat omdat er geen bezwaar is gemaakt. De rechtbank oordeelt dat verweerder voldoende heeft gemotiveerd dat het besluit is toegezonden en dat het ontbreken van het besluit in het personeelsdossier geen bewijs is van niet-ontvangst.
Verder heeft eiser geen rechtsmiddelen ingesteld tegen andere relevante besluiten of salarisspecificaties. De rechtbank acht de termijnoverschrijding niet verschoonbaar en bevestigt dat het aanspraakbesluit in rechte vaststaat. Het verzoek om herziening wordt afgewezen omdat er geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden zijn en de weigering niet evident onredelijk is.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen het besluit tot toekenning van OVW-periodieken met terugwerkende kracht wordt ongegrond verklaard.