Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen het besluit van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om hem in bewaring te stellen op grond van artikel 59b van de Vreemdelingenwet 2000. De maatregel was gebaseerd op meerdere gronden, waaronder het niet op de voorgeschreven wijze binnenkomen van Nederland en het ontbreken van een vaste woon- of verblijfplaats, wat het risico op onttrekking aan toezicht rechtvaardigt.
Eiser betwistte alle gronden waarop de bewaring was gebaseerd en voerde aan dat de maatregel onterecht was opgelegd en dat een lichter middel had moeten worden toegepast. De rechtbank oordeelde echter dat de zware grond 3a en de lichte grond 4c feitelijk juist en voldoende gemotiveerd waren, en dat deze gronden de bewaring konden dragen. Tevens werd geoordeeld dat verweerder terecht geen lichter middel had gekozen, mede omdat eiser geen concrete persoonlijke omstandigheden had aangevoerd die daartoe aanleiding zouden geven.
De rechtbank verwierp het beroep en wees ook het verzoek om schadevergoeding af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak kan binnen een week hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.