Uitspraak
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer van
4 november 2021 in de zaken tussen
[eiseres] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , eiseres(gemachtigde: A.F.M.J. Verhoeven),
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
De bestreden uitspraken op bezwaar
Zitting
Beslissing
bezwaar voor zover betrekking hebbend op auto I;
rijksbelastingen belastingrente te vergoeden;
uitspraak op bezwaar;
Overwegingen
19 november 2019 voor auto II. De datum van eerste toelating van auto I is 15 februari 2019 en van auto II 25 september 2018. De voor auto I verschuldigde Bpm van € 40.651 is op
6 november 2019 voldaan en de voor auto II verschuldigde Bpm van € 9.886 is voldaan op 31 december 2019.
-/- € 8.819 =) € 3.429 en voor auto II (€ 15.614 -/- € 11.242 =) € 4.372 teveel als waardevermindering wegens schade in aanmerking heeft genomen. De rechtbank stelt vast dat indien met die lagere schadebedragen en met de extra leeftijdskorting rekening wordt gehouden, eiseres voor auto I € 83 teveel en voor auto II € 143 te weinig belasting op aangifte heeft voldaan. De rechtbank honoreert daarom het beroep op interne compensatie van verweerder voor wat betreft auto II.