Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser], geboren op [2013](eiser/verzoeker),
beiden van Guinese nationaliteit, samen te noemen eisers/verzoekers
Rechtbank Den Haag
Eisers, een moeder en haar kind van Guinese nationaliteit, vroegen een verblijfsvergunning op grond van de Afsluitingsregeling langdurig verblijvende kinderen. De aanvraag werd geweigerd omdat het kind na afronding van de asielprocedure van de moeder was geboren, waardoor volgens de staatssecretaris niet aan voorwaarde b van de Vreemdelingencirculaire werd voldaan.
De rechtbank oordeelt dat de staatssecretaris zijn standpunt onvoldoende heeft gemotiveerd en dat de uitzondering op voorwaarde b niet beperkt kan worden tot kinderen die tijdens de asielprocedure zijn geboren. De rechtbank verwijst naar eerdere uitspraken die deze uitleg ondersteunen en stelt dat het beleid bedoeld is voor kinderen met een asielachtergrond, zonder onderscheid tussen geboorte tijdens of na de procedure.
Daarnaast constateert de rechtbank dat verweerder onvoldoende heeft onderbouwd waarom in vergelijkbare gevallen wel vergunningen zijn verleend, en dat het bezwaar ten onrechte kennelijk ongegrond is verklaard zonder eisers te horen. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit, draagt op tot een nieuw besluit binnen zes weken en verbiedt uitzetting tot vier weken na dat besluit. Tevens worden de proceskosten aan verweerder opgelegd.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en eisers krijgen een nieuw besluit toegezegd met een verbod op uitzetting tot vier weken na dat besluit.