ECLI:NL:RBDHA:2018:14829
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens onvoldoende bewijs vrees militaire dienstplicht in Algerije
Eiser, een Algerijnse staatsburger, verzocht om een verblijfsvergunning asiel met als grond dat hij vreest voor militaire dienstplicht en straf bij terugkeer vanwege illegaal vertrek. De staatssecretaris wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond en legde een inreisverbod op.
De rechtbank overwoog dat eiser onvoldoende bewijs leverde van zijn identiteit en herkomst en dat zijn stellingen over de militaire dienstplicht ongeloofwaardig waren. De rechtbank volgde de jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak die Algerije als veilig land van herkomst aanmerkt, behalve voor LHBTI’s, en oordeelde dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat hij persoonlijk risico loopt.
Ook de stelling dat het beroep automatisch schorsende werking heeft, werd verworpen. Het beroep werd ongegrond verklaard, zonder toekenning van proceskosten. Eiser kan hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de aanvraag asiel afgewezen.