ECLI:NL:RBDHA:2017:9737
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen buitenlandbijdrage Zorgverzekeringswet en berekeningssystematiek
Eiseres, woonachtig in Duitsland en pensioenontvanger uit Nederland, werd door het CAK een buitenlandbijdrage opgelegd op grond van de Zorgverzekeringswet (Zvw). Zij voerde aan dat zij geen bijdrage verschuldigd was omdat zij al belastingplichtig was in Duitsland en dat het door verweerder vastgestelde inkomen onjuist was vanwege de opname van een spaarloonuitkering.
De rechtbank overwoog dat de buitenlandbijdrage geen belasting is, maar een sociale bijdrage voor het Nederlandse sociale zekerheidsstelsel. De rechtbank volgde de vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep dat volledige belastingplicht in het woonland geen vrijstelling van de buitenlandbijdrage geeft. De vrijstellingen voor loonheffing door de Belastingdienst zijn niet van toepassing op de buitenlandbijdrage.
Verder is de berekening van de buitenlandbijdrage gebonden aan de dwingende systematiek van de Regeling zorgverzekering, waarbij verweerder moet uitgaan van inkomensgegevens van de Belastingdienst. De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht de spaarloonuitkering heeft meegerekend in het inkomen. Eiseres wordt geadviseerd bij onenigheid over het inkomen de Belastingdienst te benaderen.
Het beroep tegen zowel de voorlopige als definitieve jaarafrekening werd ongegrond verklaard. De rechtbank wees proceskostenveroordeling af en wees op de mogelijkheid tot hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de buitenlandbijdrage en de berekening daarvan wordt ongegrond verklaard.