ECLI:NL:RBDHA:2015:6783
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling zelfstandigheid en VAR-classificatie voor werkzaamheden WWB
Eiser, werkzaam als inkomensconsulent via intermediairs voor gemeenten, vroeg een VAR-winst uit onderneming aan voor 2014. Verweerder wijzigde deze geautomatiseerde verklaring naar een VAR-loon uit dienstbetrekking na een steekproefonderzoek.
De rechtbank onderzocht of eiser zijn werkzaamheden zelfstandig en voor eigen risico verrichtte. Geconcludeerd werd dat eiser onvoldoende zelfstandigheid toonde, mede omdat hij opdrachten via intermediairs verkrijgt, zijn werk moet voorleggen aan een kwaliteitsmedewerker en gebonden is aan instructies van de gemeente.
Daarnaast werd het beroep op het vertrouwensbeginsel afgewezen omdat de VAR-beschikking jaarlijks wordt beoordeeld en eerdere jaren niet bindend zijn. Het gelijkheidsbeginsel faalde wegens gebrek aan bewijs van gelijke gevallen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af. Eiser kan binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de wijziging van de VAR-winst uit onderneming naar VAR-loon uit dienstbetrekking en verklaart het beroep ongegrond.