ECLI:NL:RBARN:2009:BK3270
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.G.J. van Well
- L.B.M. Klein Tank
- J.M.W. van de Sande
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkstelling zetelverplaatser voor belastingschuld van geliquideerde BV zonder heropening vereffening
Eiser, voormalig aandeelhouder en bestuurder van een BV die een advocatenpraktijk uitoefende, werd aansprakelijk gesteld voor een onbetaalde navorderingsaanslag vennootschapsbelasting over 1993. De BV was in 1995 ontbonden en opgehouden te bestaan, waarna de belastingaanslag onherroepelijk werd vastgesteld. Eiser betwistte de aansprakelijkheid en stelde dat de navorderingsaanslag niet aan de BV was bekendgemaakt omdat de vereffening niet was heropend, waardoor de BV niet in gebreke kon zijn.
De rechtbank oordeelt dat hoewel de aanslag niet aan de BV is bekendgemaakt, dit niet verhindert dat eiser aansprakelijk kan worden gesteld. Eiser was op de hoogte van de aanslag en de procedures, en had als aandeelhouder en bestuurder de mogelijkheid om de belastingschuld te voorkomen. De rechtbank wijst het beroep af voor het deel van de hoofdsom en heffingsrente, maar oordeelt dat invorderingsrente niet verschuldigd is omdat de aanslag niet invorderbaar is geworden.
De aansprakelijkstelling wordt verminderd tot € 252.792,21, exclusief invorderingsrente. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten van eiser en moet het betaalde griffierecht vergoeden. De uitspraak kan binnen zes weken worden aangevochten bij het gerechtshof Arnhem.
Uitkomst: De aansprakelijkstelling van eiser wordt verminderd tot € 252.792,21 exclusief invorderingsrente en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten.