ECLI:NL:HR:2009:BJ4910
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- A.R. Leemreis
- E.N. Punt
- J.A.C.A. Overgaauw
- Rechtspraak.nl
Bestuurdersaansprakelijkheid voor belastingschulden na ontbinding rechtspersoon
Belanghebbende werd aansprakelijk gesteld voor de omzetbelasting van A B.V. over 2000, terwijl de BV in 2002 wegens gebrek aan baten was ontbonden. De Ontvanger stelde dat de naheffingsaanslag correct was vastgesteld en betekend, maar het Hof Arnhem vernietigde deze aansprakelijkstelling omdat de BV niet meer bestond en niemand bevoegd was de aanslag te ontvangen.
De Hoge Raad overweegt dat het formele vereiste dat een belastingschuldige eerst in gebreke kan zijn nadat hij kennis heeft genomen van de aanslag, niet goed toepasbaar is als de rechtspersoon is ontbonden zonder baten. De bestuurder kan dan niet worden tegengeworpen dat de aanslag niet correct is bekendgemaakt aan de rechtspersoon.
De Hoge Raad verklaart het beroep gegrond, vernietigt het arrest van het Hof en verwijst de zaak naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor verdere behandeling, met inachtneming van deze overwegingen.
Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd; het verwijzingshof zal beslissen over eventuele kostenvergoedingen.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt gegrond verklaard, het arrest van het Hof vernietigd en de zaak verwezen naar een ander gerechtshof.