ECLI:NL:RBARN:2007:BA0944
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.G.J. van Well
- F.M. Smit
- A.M.F. Geerling
- Rechtspraak.nl
Navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1997 en liquidatie-uitkering van Nederlandse belastingplichtige
Eiser, voormalig inwoner van Nederland, verhuisde in 1995 naar België om fiscale redenen en was aandeelhouder van [X-Beheer] BV, dat in 1996 zijn feitelijke leiding naar België verplaatste. In 1997 werd [X-Beheer] geliquideerd en ontving eiser een liquidatie-uitkering. Verweerder legde een navorderingsaanslag IB/PVV 1997 op, belast tegen 20%, omdat hij de feitelijke leiding van [X-Beheer] in Nederland bleef plaatsen.
De rechtbank oordeelde dat eiser de liquidatie-uitkering ten onrechte niet had vermeld in zijn aangifte, wat als kwade trouw werd aangemerkt. De bewijslast werd omgekeerd, en eiser slaagde er niet in aan te tonen dat de feitelijke leiding naar België was verplaatst. Op grond van het belastingverdrag Nederland-België 1970 werd Nederland als heffingsbevoegde staat aangemerkt.
De rechtbank bepaalde dat de liquidatie-uitkering onder artikel 13 van Pro het verdrag valt, met een heffingstarief van maximaal 15%. De navorderingsaanslag werd vernietigd voor zover het tarief 20% betrof, en verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. Het beroep werd gegrond verklaard voor het tarief, maar niet voor de overige punten.
Uitkomst: De navorderingsaanslag wordt vernietigd voor zover het tarief 20% betreft en vastgesteld op 15%, met vergoeding van proceskosten aan eiser.