ECLI:NL:RBAMS:2011:BR0272
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.M. van der Nat
- C.A.E. Wijnker
- C.W. Inden
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs voorbereidingshandelingen en wapenbezit
De rechtbank Amsterdam behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het voorbereiden van een misdrijf met een vuurwapen en het bezit van een gestolen motorfiets. De dagvaarding werd partieel nietig verklaard vanwege innerlijke tegenstrijdigheid in de tenlastelegging omtrent voorbereidingshandelingen voor doodslag.
De rechtbank oordeelde dat onvoldoende bewijs bestond voor een concreet misdadig doel bij de aangetroffen goederen in een bus, waaronder een vuurwapen, munitie, maskers en tie-wraps. Hoewel zoekopdrachten op een laptop van een medeverdachte wezen op overvallen, ontbrak bewijs dat verdachte dit daadwerkelijk voor ogen had of dat de laptop beveiligd was.
Verder kon niet worden bewezen dat verdachte bewust en in vereniging met anderen het vuurwapen en de munitie voorhanden had, ondanks het aantreffen van een dactyloscopisch spoor van een medeverdachte. Ook het bezit van de motorfiets kon niet worden bewezen als heling omdat niet vaststond dat verdachte wist of redelijkerwijs had moeten vermoeden dat deze van misdrijf afkomstig was.
De rechtbank sprak verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten en hief het bevel tot voorlopige hechtenis op. De uitspraak benadrukt het belang van concreet bewijs voor het misdadig doel bij strafbare voorbereidingshandelingen en het vereiste van bewustheid bij wapenbezit.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten wegens onvoldoende bewijs en partieel nietigheid van de dagvaarding.