Conclusie
Nummer23/01745
Inleiding
Het middel
voorzitterverklaart het onderzoek gesloten en deelt mede, dat volgens de beslissing van
Parket bij de Hoge Raad
De verdachte is door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld tot een gevangenisstraf van één week wegens verduistering. De raadsman van de verdachte stelde cassatiemiddel in dat het hof niet in het bijzonder de redenen voor de oplegging van de vrijheidsbenemende straf heeft gemotiveerd.
Het hof verwees in het arrest voor de strafmotivering naar het proces-verbaal van de terechtzitting, maar dat proces-verbaal bevatte geen strafmotivering. Volgens de procureur-generaal voldoet deze constructie niet aan de wettelijke eisen van artikel 359 lid 5 Sv Pro, dat vereist dat het arrest zelf de volledige strafmotivering bevat.
De Hoge Raad heeft in eerdere arresten verduidelijkt dat een algemene overweging over de aard en ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden onvoldoende is voor de motivering van een vrijheidsbenemende straf. Het arrest moet expliciet de redenen bevatten die tot de keuze van de strafsoort hebben geleid.
In deze zaak ontbreekt een bijzondere motivering, waardoor het verzuim leidt tot nietigheid van het arrest voor wat betreft de strafoplegging. De conclusie van de procureur-generaal is daarom dat het arrest moet worden vernietigd en de zaak moet worden terugverwezen naar het hof voor een nieuwe strafoplegging, terwijl het beroep voor het overige wordt verworpen.
Uitkomst: Het arrest wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar het hof voor nieuwe strafoplegging wegens onvoldoende strafmotivering.