Conclusie
middelbevat de klacht dat het hof bij de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel het oordeel onvoldoende verankering heeft gegeven in een bewijsmiddel. ’s Hofs oordeel zou ook overigens onbegrijpelijk en derhalve onvoldoende gemotiveerd zijn, nu op geen enkele wijze zou zijn verduidelijkt ‘waarom en op grond van welke bewijsmiddelen het hof tot het oordeel is gekomen dat de gekozen verdeling van het voordeel over de diverse betrokkenen de juiste is’.
Vonnis waarvan beroep
Schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel
€ 1.533.832,50
Aanvullende overweging