Conclusie
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CONCLUSIE
middelkeert zich tegen het oordeel van het hof dat de verdachte een auto heeft verduisterd.
verklaring van [betrokkene 1], zakelijk weergegeven:
Ik ben eigenaar van een auto van het merk Mercedes type E420 in de kleur donkerblauw.
Deze auto is bijzonder goed onderhouden en er zijn weinig kilometers mee gereden. [verdachte] zei tegen mij dat mijn auto afgesteld moest worden. Ik heb de auto aan hem meegegeven op 8 november 2011. Mijn auto kreeg ik niet direct terug en als ik vroeg om mijn auto, maakte hij er een heel drama van. Er moest van alles aan gebeuren, hij had veel meer tijd nodig en ga zo maar door. Allemaal smoesjes volgens mij. Ik heb hierover diverse malen gebeld. Elke keer kwam hij met een andere smoes.
De meeste keren zei Gerko dat hij de volgende dag de auto zou brengen. Dit is echter tot op heden nog niet gebeurd.
Verduisterd werd:
Personenauto, Mercedes-Benz E 420 Sedan, blauw, kenteken [kenteken] .
2. Het als bijlage bij het stamproces-verbaal van 22 december 2011, gevoegde, door [verbalisant 2] , brigadier van politie Gelderland-Midden, opgemaakte proces-verbaal van 21 december 2011 (dossierpag. 31 e.v.), voor zover inhoudende als
verklaring van verdachte, zakelijk weergegeven:
Ik had de Mercedes in mijn bezit en ben nog steeds in afwachting van de betaling van 14 à 15 honderd euro voor de reparatie en arbeid aan zijn auto. Ik meende de auto onder mij te kunnen houden tot het moment dat [betrokkene 1] , de eigenaar, de kosten aan mij zou betalen.
Ik wist dat ik deze auto achter kon houden totdat ik betaald zou worden, maar het was mij niet geheel duidelijk dat ik er helemaal niet mee zou mogen rijden. Dit heb ik dan wel gedaan.
3. De door verdachte ter terechtzitting van het hof afgelegde verklaring voor zover inhoudende, zakelijk weergegeven: