ECLI:NL:PHR:2019:678
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest verstekverlening wegens niet-naleving dagvaardingsvoorschrift in hoger beroep
Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch verklaarde verdachte bij verstek niet-ontvankelijk in hoger beroep wegens afwezigheid, terwijl verdachte zelf niet aanwezig was en zijn raadsman buiten de zittingszaal op de gang stond en het uitroepen van de zaak niet hoorde. De raadsman had zich vooraf gemeld en wachtte buiten de zaal, maar was door eigen toedoen niet tijdig aanwezig bij het uitroepen.
De verdediging klaagde dat het hof ten onrechte verstek verleende, mede omdat niet is gebleken dat de dagvaarding in hoger beroep aan de raadsman was gezonden, zoals vereist in art. 48 Sv Pro. De Hoge Raad overwoog dat het ontbreken van een bewijs van toezending van de dagvaarding aan de raadsman een ernstig vermoeden van niet-naleving van dit voorschrift oplevert.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof had moeten onderzoeken of aan art. 48 Sv Pro was voldaan en dat het verstek daarom onterecht is verleend. De zaak wordt vernietigd en terugverwezen naar het hof voor nieuwe behandeling. Dit arrest benadrukt het belang van de correcte naleving van dagvaardingsvoorschriften in hoger beroep en de onderzoeksplicht van het hof bij verstekverlening.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe behandeling in hoger beroep.