ECLI:NL:PHR:2017:431
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt ontucht met minderjarige onder zorg en waakzaamheid verdachte
De verdachte, een 39-jarige judoleraar, werd door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor ontuchtige handelingen met minderjarigen, waaronder zijn dochter en een 16-jarig meisje dat tijdens een vakantie in Frankrijk onder zijn zorg en waakzaamheid stond. Het hof achtte bewezen dat de verdachte misbruik maakte van zijn positie en het overwicht dat hij had vanwege de zorgrelatie en de leeftijdsverschillen.
De verdediging voerde aan dat het bewijs onvoldoende was en dat niet bewezen kon worden dat het 16-jarige meisje aan de zorg of waakzaamheid van de verdachte was toevertrouwd. De Hoge Raad oordeelt dat het hof terecht heeft geoordeeld dat de minderjarige door de omstandigheden, zoals de vakantie en de judoleraar-leerlingrelatie, in een afhankelijke positie verkeerde en dat de verdachte daardoor een overwicht had.
De Hoge Raad bevestigt dat de bewezenverklaringen, hoewel grotendeels gebaseerd op verklaringen van de slachtoffers, voldoende worden ondersteund door andere bewijsmiddelen en verklaringen van derden. De middelen van cassatie falen en het beroep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor ontucht met minderjarige onder zorg en waakzaamheid blijft in stand.