ECLI:NL:PHR:2013:BZ7392
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Betaling contractuele boete na uitblijven transport door financieringsprobleem woningkoop
De zaak betreft een koopovereenkomst van een appartement te Den Haag, gesloten op 6 september 2007, met een financieringsvoorbehoud en een boetebeding. De koper heeft aanvankelijk terecht een beroep gedaan op het financieringsvoorbehoud toen de financiering niet rondkwam. Later gaf de koper aan alsnog financiering te hebben gevonden, waarna een transportdatum werd vastgesteld en een bedrag werd bijbetaald.
Het transport is echter niet doorgegaan omdat de bank op het laatste moment de financiering introk. Het hof oordeelde dat de koper door zijn handelen het beroep op het financieringsvoorbehoud had laten varen en de koopovereenkomst alsnog van kracht was gebleven, waardoor hij gehouden was de contractuele boete te betalen.
De Hoge Raad bevestigt dat het hof terecht de Haviltex-maatstaf heeft toegepast om te beoordelen of partijen overeenstemming hadden over het laten varen van het financieringsvoorbehoud. De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en bevestigt dat de koper gehouden is tot betaling van de boete, ook al is het transport niet doorgegaan door het wegvallen van de financiering, dat voor risico van de koper komt.
Uitkomst: De koper is gehouden tot betaling van de contractuele boete wegens het niet doorgaan van het transport ondanks het aanvankelijke beroep op het financieringsvoorbehoud.