ECLI:NL:PHR:2012:BX6948
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart herzieningsverzoek wegens persoonsverwisseling ongegrond
Op 22 november 2008 werd een vrouw aangehouden wegens openbare dronkenschap en het opgeven van valse personalia. De aangehouden vrouw gebruikte een rijbewijs op naam van de aanvraagster, maar er ontstond twijfel over haar identiteit. De aanvraagster stelde dat zij niet de aangehouden persoon was en dat iemand anders haar naam en rijbewijs had gebruikt.
De kantonrechter veroordeelde de aanvraagster bij vonnissen van 17 mei 2010 tot geldboetes wegens de genoemde feiten. De aanvraagster stelde hoger beroep in, maar werd niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening. Vervolgens verzocht zij om herziening op grond van een brief van een inspecteur van politie die bevestigde dat zij niet de aangehouden vrouw was.
De Hoge Raad oordeelde dat de verklaring van de inspecteur geen nieuw feit (novum) oplevert, aangezien de aanvraagster deze stelling al tijdens de zitting bij de kantonrechter had aangevoerd. De kantonrechter had zelfs geprobeerd de verbalisant te confronteren, maar de aanvraagster verscheen niet. Omdat de vermeende nieuwe omstandigheid de kantonrechter bekend was, is er geen grond voor herziening. De Hoge Raad verklaarde het verzoek dan ook ongegrond.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening wordt ongegrond verklaard en de veroordelingen blijven gehandhaafd.