ECLI:NL:PHR:2012:BX6945
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt uitspraak uitleveringszaak wegens onvoldoende motivering politieke delicten en toepassing Europees Verdrag tot bestrijding van terrorisme
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een uitspraak van de Rechtbank Zwolle-Lelystad die uitlevering van de opgeëiste persoon aan Turkije heeft geweigerd op grond van het feit dat het delict een politiek delict zou zijn. Het uitleveringsverzoek richt zich op feiten die strafbaar zijn gesteld onder artikel 146 van Pro het Turkse Wetboek van Strafrecht, dat ziet op pogingen om de Turkse grondwet te wijzigen met geweld, en die ook naar Nederlands recht onder artikel 94 Sr Pro vallen.
De rechtbank kwalificeerde deze feiten als een absoluut politiek delict en wees uitlevering af. Het Openbaar Ministerie stelde in cassatie dat de rechtbank onvoldoende had getoetst of de feiten onder het Europees Verdrag tot bestrijding van terrorisme (EVT 1977) vallen, dat bepaalde terroristische feiten depolitiseert en uitlevering mogelijk maakt.
De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank onvolledig heeft gemotiveerd door niet te toetsen aan het EVT 1977, met name artikel 1 onder Pro d, dat ontvoering en geweldpleging als terrorisme depolitiseert. Nederland heeft weliswaar een voorbehoud gemaakt bij dit verdrag, maar is verplicht om bij de beoordeling van politieke delicten de ernst en kenmerken van het delict mee te wegen. De Hoge Raad vernietigt daarom het vonnis en verwijst de zaak terug voor nadere beoordeling, waarbij rekening moet worden gehouden met het EVT 1977 en de politieke aard van de feiten.
De zaak bevat uitgebreide overwegingen over de kwalificatie van terroristische misdrijven versus politieke delicten, de toepassing van internationale verdragen, en de noodzaak van een zorgvuldige motivering door de rechter. Tevens wordt ingegaan op de toekomstige wijzigingen van het EVT 1977 door een protocol en de betekenis daarvan voor uitleveringszaken.
De Hoge Raad benadrukt dat de uitleveringsrechter niet zonder meer mag aannemen dat de feiten politieke delicten zijn zonder de verdragsrechtelijke context mee te wegen. Dit arrest vormt een belangrijke richtlijn voor de beoordeling van uitleveringsverzoeken met een politiek-terroristische achtergrond.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt het vonnis en verwijst de zaak terug voor nadere beoordeling met inachtneming van het Europees Verdrag tot bestrijding van terrorisme.