ECLI:NL:PHR:2011:BQ9880
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Legitimiteit en rechtsbescherming bij strafrechtelijke ontruiming op grond van de Wet Kraken en Leegstand
Deze zaak betreft de toetsing door de Hoge Raad van de Wet Kraken en Leegstand, met name de strafrechtelijke ontruimingsbevoegdheid van het Openbaar Ministerie op grond van art. 551a Sv. en de strafbaarstelling van kraken in art. 138a Sr.
De Staat werd in kort geding aangesproken door krakers die vorderden dat ontruiming niet mocht plaatsvinden zonder voorafgaande onherroepelijke rechterlijke uitspraak dat sprake was van wederrechtelijk verblijf. Het hof oordeelde dat voorafgaande toetsing door de kortgedingrechter vereist is en dat bindende, openbaar gemaakte beleidsregels moeten aangeven hoe rechtsbescherming wordt geboden.
De Hoge Raad bevestigt dat de wetgever bevoegd is om kraken strafbaar te stellen en het OM te machtigen tot ontruiming zonder voorafgaande rechterlijke machtiging. Echter, gelet op de ernst en onomkeerbaarheid van de inbreuk op het huisrecht, moet het OM partijen de gelegenheid bieden een 'arguable claim' op schending van art. 8 EVRM Pro aan te voeren en bij een dergelijke claim moet voorafgaande toetsing door een onafhankelijke rechter mogelijk zijn. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak voor nadere beoordeling van de rechtsbescherming naar een lagere instantie.
Uitkomst: De zaak wordt vernietigd en verwezen voor nadere beoordeling van de rechtsbescherming bij toepassing van art. 551a Sv.