ECLI:NL:PHR:2011:BO9704
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt vervanging voorwaardelijke jeugddetentie door werkstraf wegens schuldheling bromfiets
Verdachte werd door het hof veroordeeld voor schuldheling van een bromfiets die hij op 15 juli 2008 in Amsterdam voorhanden had, terwijl hij redelijkerwijs had moeten vermoeden dat het een gestolen goed betrof. Het hof baseerde dit op omstandigheden zoals de lage verkoopprijs, de nieuwheid van de bromfiets, het geringe aantal kilometers en het ontbreken van papierencontrole door verdachte.
Verdachte werd veroordeeld tot een werkstraf van 40 uur en daarnaast werd de tenuitvoerlegging van een eerder voorwaardelijk opgelegde jeugddetentie vervangen door een werkstraf van 180 uur. Namens verdachte werden middelen van cassatie ingediend tegen de bewezenverklaring en de strafoplegging.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof de verklaring van verdachte niet onjuist heeft geïnterpreteerd en dat het oordeel over grove onvoorzichtigheid begrijpelijk is. Wel vernietigt de Hoge Raad het onderdeel van het arrest waarin het hof de voorwaardelijke jeugddetentie omzet in een werkstraf, omdat art. 77k Sr niet van toepassing is op jeugddetentie. De zaak wordt terugverwezen voor een juiste beslissing over de tenuitvoerlegging van de jeugddetentie.
De overige middelen van cassatie worden verworpen. De benadeelde partij werd door het hof niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering. De Hoge Raad bevestigt hiermee de grenzen aan de toepassing van art. 77k Sr bij jeugddetentie en benadrukt de beoordelingsvrijheid van het hof bij bewijswaardering.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de omzetting van de voorwaardelijke jeugddetentie in een werkstraf en bevestigt de veroordeling voor schuldheling.