ECLI:NL:HR:2002:AF0625
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- J.P. Balkema
- W.A.M. van Schendel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor schuldheling van een lasdieselaggregaat ondanks betwisting bewijs en procesverloop
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het Gerechtshof te 's-Gravenhage waarin verdachte werd veroordeeld voor schuldheling van een lasdieselaggregaat. Het hof had vastgesteld dat verdachte het goed, dat hij achter zijn woning had geplaatst op verzoek van een derde, redelijkerwijs als door misdrijf verkregen had moeten herkennen.
Verdachte had tijdens het hoger beroep verzocht om aanhouding van de behandeling om alsnog rechtsbijstand te verkrijgen, maar dit verzoek werd afgewezen omdat het belang van een redelijke termijn prevaleerde. De Hoge Raad oordeelde dat deze afwijzing niet onbegrijpelijk was gezien de eenvoud van de zaak en de verstreken tijd sinds het tenlastegelegde feit.
Het cassatiemiddel dat zich richtte op de motivering van de bewezenverklaring faalde eveneens. Het hof had op basis van verklaringen en omstandigheden geoordeeld dat verdachte tekort was geschoten in zijn onderzoeksplicht ten aanzien van de herkomst van de lasgenerator, wat voldoende was voor schuldheling. De Hoge Raad vond dit oordeel niet onbegrijpelijk en kon het niet verder toetsen.
Het cassatieberoep werd daarom verworpen en het arrest van het hof bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep werd verworpen en de veroordeling voor schuldheling werd bevestigd.