ECLI:NL:PHR:2010:BO4125
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt oordeel hof over vormverzuim bij pseudo-dienstverlening zonder bevel ex art. 126i Sv
Verdachte werd door het hof Arnhem veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf wegens het opzettelijk aanwezig hebben van cocaïne. De verdediging stelde cassatiemiddelen aan tegen het oordeel van het hof dat het ontbreken van een bevel voor pseudo-dienstverlening (artikel 126i Sv) niet leidde tot schending van de belangen van verdachte.
Het hof had vastgesteld dat opsporingsambtenaren verkleed als TNT-bezorgers een pakket met cocaïne aan verdachte hadden afgeleverd zonder het vereiste bevel, wat een onherstelbaar vormverzuim opleverde. Desondanks oordeelde het hof dat verdachte niet in zijn belangen was geschaad, omdat het aanbieden van het pakket geen inbreuk maakte op zijn privacy en verdachte niet tot andere strafbare feiten werd gebracht dan waarop zijn opzet reeds was gericht.
De Hoge Raad bevestigt dat een vormverzuim niet automatisch rechtsgevolgen hoeft te hebben en dat het hof de juiste maatstaven heeft toegepast bij de belangenafweging. Ook het verweer dat het hof zich baseerde op een grotere hoeveelheid cocaïne dan daadwerkelijk werd ontvangen, faalt. Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof blijft in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en het arrest van het hof Arnhem blijft in stand met een gevangenisstraf van drie maanden wegens het aanwezig hebben van cocaïne.