ECLI:NL:PHR:2009:BC2820
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad arrest over verfijnde fosfaat- en stikstofheffing volgens de Meststoffenwet en toetsing aan Europees en grondwettelijk recht
Deze zaak betreft de naheffingsaanslag in de fosfaatheffing over 1998 opgelegd aan belanghebbende onder het stelsel van regulerende mineralenheffingen (MINAS) ingevoerd per 1 januari 1998. De zaak spitst zich toe op de vraag in hoeverre bemonsteringsresultaten van vloeibare dierlijke meststoffen als grondslag voor de heffing kunnen dienen en of de delegatie van essentiële heffingsbepalingen aan lagere regelingen verenigbaar is met artikel 104 van Pro de Grondwet.
De Hoge Raad bevestigt dat de delegatie van essentiële elementen van de heffing aan ministeriële regelingen niet ter toetsing aan de rechter staat wegens het toetsingsverbod van artikel 120 Grondwet Pro. Tevens oordeelt het hof dat de Minaswetgeving niet in strijd is met de Nitraatrichtlijn en de gemeenschappelijke marktordening, ondanks eerdere kritiek van het Hof van Justitie. De rechtszekerheid en rechtsbescherming zijn gewaarborgd doordat belastingplichtigen beroep kunnen instellen tegen aanslagen.
Verder wordt ingegaan op de bemonsteringsmethoden van meststoffen, waarbij automatische zijbuisapparatuur als meest nauwkeurig wordt aangemerkt. De onnauwkeurigheden in bemonstering zijn toevalsfouten die zich over meerdere jaren middelen, mede door verlenging van de verrekeningstermijn van drie naar zes jaar. De forfaits voor varkens zijn met terugwerkende kracht aangepast om onterechte heffingen te voorkomen. De Hoge Raad concludeert dat het stelsel van regulerende mineralenheffingen voldoet aan het proportionaliteitsbeginsel en het fair balance vereiste van het EVRM.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de rechtmatigheid van de verfijnde mineralenheffingen en wijst de klachten van belanghebbende af.