ECLI:NL:PHR:2005:AT7031
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep tegen beslissing op wrakingsverzoek in strafzaak
In deze zaak heeft het Gerechtshof Arnhem het hoger beroep tegen de beslissing van de Rechtbank Almelo niet-ontvankelijk verklaard nadat de rechtbank de wraking van de rechter-commissaris had afgewezen. De advocaat van de verdachte stelde cassatieberoep in tegen deze beslissing.
De Hoge Raad overweegt dat ingevolge artikel 515, vijfde lid, van het Wetboek van Strafvordering geen rechtsmiddel openstaat tegen een beslissing op een wrakingsverzoek, waardoor het cassatieberoep niet-ontvankelijk is. De conclusie van de Procureur-Generaal benadrukt dat slechts in zeer uitzonderlijke gevallen, zoals door de civiele kamer van de Hoge Raad in 1999 is geformuleerd, een uitzondering mogelijk is, maar dat deze niet van toepassing is in strafzaken.
Verder wordt toegelicht dat de wetgever bewust geen rechtsmiddel tegen wrakingsbeslissingen wilde toestaan om vertraging van het strafproces te voorkomen. Alternatieve correctiemogelijkheden, zoals artikel 359a Sv en artikel 512 Sv Pro, bieden voldoende waarborgen voor een eerlijke behandeling. De conclusie is dat het cassatieberoep tegen de wrakingsbeslissing niet ontvankelijk moet worden verklaard.
Uitkomst: Het cassatieberoep tegen de beslissing op het wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard.