ECLI:NL:PHR:2005:AT4094
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor schuldwitwassen van groot geldbedrag op Schiphol
Verdachte werd veroordeeld wegens schuldwitwassen omdat zij op 2 oktober 2002 op Schiphol een groot geldbedrag van €25.000,- bij zich had, waarvan zij redelijkerwijs moest vermoeden dat het afkomstig was uit enig misdrijf. Het hof baseerde dit oordeel op de wijze van verbergen van het geld, de hoogte van het bedrag en de wisselende verklaringen van verdachte over de herkomst en bestemming van het geld.
Verdachte gaf aanvankelijk slechts een klein bedrag op en weigerde te verklaren over de herkomst van het geld. Later verklaarde zij het geld van een reisgenoot te hebben gekregen en dat het bestemd was voor een derde in Spanje. De Hoge Raad oordeelde dat het bewijs voldoende was om het vermoeden van criminele herkomst te ondersteunen, mede gelet op de algemene ervaring dat dergelijke grote bedragen die heimelijk naar het buitenland worden gebracht vaak verband houden met drugshandel.
De Hoge Raad verwierp de klachten van verdachte over het bewijs, de strafmotivering en de verbeurdverklaring van het geld. Ook werd het beroep op het gelijkheidsbeginsel afgewezen omdat de zaak van de reisgenoot anders was en niet was gevoegd. De verbeurdverklaring werd gerechtvaardigd omdat het geld niet aan een ander kon worden toegerekend en uit misdrijf afkomstig was.
De Hoge Raad bevestigde dat voor een veroordeling op grond van art. 420bis en 420quater Sr vereist is dat het voorwerp afkomstig is uit enig misdrijf, zonder dat het precieze misdrijf hoeft te worden vastgesteld. De bewijslastverlichting die aanvankelijk werd overwogen is niet doorgezet, zodat bewezen moet worden dat verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat het geld uit een misdrijf kwam.
De Hoge Raad concludeerde dat de bewijsmiddelen in deze zaak voldoende concrete omstandigheden bevatten om het bewezenverklaarde te ondersteunen en verwierp het cassatieberoep.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigde de veroordeling van verdachte voor schuldwitwassen en de verbeurdverklaring van €25.000,-.