ECLI:NL:PHR:2005:AT1759
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Motivering schadevergoedingsmaatregel bij betalingsregeling en vervangende hechtenis
De verdachte is door het hof veroordeeld wegens verduistering en kreeg een schadevergoedingsmaatregel opgelegd met een betalingsverplichting van €75.244,69, gekoppeld aan 300 dagen vervangende hechtenis bij niet-nakoming. Verdachte stelde dat een betalingsregeling bestond met het slachtoffer, die door de maatregel en de termijn van twee jaar en drie maanden voor tenuitvoerlegging zou worden doorkruist.
De Hoge Raad benadrukt dat het reparatoire karakter van de schadevergoedingsmaatregel betekent dat de maatregel niet tot een hogere betalingsverplichting mag leiden dan de civielrechtelijke verplichting. Het hof had daarom gemotiveerd moeten beslissen over het verweer dat de betalingsregeling niet binnen de wettelijke termijn kon worden nagekomen.
De persoonlijke omstandigheden van verdachte, waaronder de ziekte van zijn dochter, mogen niet meewegen bij de beoordeling van de draagkracht, omdat dat niet strookt met het reparatoire karakter van de maatregel. Wel moet het hof ingaan op het verweer dat de betalingsregeling onmogelijk kan worden nagekomen door de opgelegde maatregel.
In dit geval had het hof kunnen afzien van een gemotiveerde beslissing omdat de raadsman van verdachte verklaarde dat nakoming van de betalingsregeling niet mogelijk was. Het cassatiemiddel faalt daarom en wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen; het hof had gemotiveerd moeten beslissen over het verweer omtrent de betalingsregeling maar kon daarvan afzien wegens erkenning van onmogelijkheid nakoming.