ECLI:NL:PHR:2005:AS1893
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep wegens beroep op tussenarrest in civiele procedure over persoonlijke aansprakelijkheid bestuurder
In deze civiele procedure vordert Unigasket S.R.L. betaling van openstaande facturen van G.U. Plastics, waarbij zij stelt dat de bestuurder en aandeelhouder van G.U. Plastics, eiser, onrechtmatig heeft gehandeld door verplichtingen aan te gaan terwijl hij de precaire financiële situatie kende.
De rechtbank oordeelde dat eiser redelijkerwijs moest begrijpen dat G.U. Plastics niet aan haar verplichtingen kon voldoen, tenzij Unigasket op de hoogte was van deze situatie. De rechtbank achtte op grond van stukken voorshands bewezen dat Unigasket hiervan op de hoogte was, en wees de vordering af.
Het hof vernietigde de tussenvonnissen voor zover de bewijslast bij Unigasket lag en stond eiser toe tegenbewijs te leveren. Unigasket stelde hoger beroep in tegen het eindvonnis en de tussenvonnissen. Eiser kwam tegen het arrest van het hof in cassatie.
De Hoge Raad overweegt dat het arrest van het hof een tussenarrest is en dat cassatie tegen een tussenarrest slechts gelijktijdig met het eindarrest kan worden ingesteld. Omdat het hof dit niet heeft bepaald, wordt het cassatieberoep van eiser niet-ontvankelijk verklaard. De inhoudelijke middelen worden kort besproken maar leiden niet tot een andere uitkomst.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het instellen tegen een tussenarrest zonder gelijktijdig eindarrest.