ECLI:NL:PHR:2004:AO3254
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt opzet en wijst verzoek psychiatrisch onderzoek af in cocaïne-invoeringszaak
In deze zaak is verdachte veroordeeld voor het opzettelijk binnenbrengen van circa 2,5 kilogram cocaïne in Nederland. De verdediging stelde dat verdachte niet wist van de cocaïne in zijn bagage en dat misbruik is gemaakt van zijn onoplettendheid. Tevens werd subsidiair verzocht om psychiatrisch onderzoek om de toerekeningsvatbaarheid van verdachte te beoordelen.
Het hof verwierp deze verweren omdat de verdediging geen feiten of omstandigheden aanvoerde ter onderbouwing van het vermeende misbruik en omdat uit het bewijs bleek dat verdachte zelf zijn reistas had ingepakt en afspraken had gemaakt met een onbekende man die hem financieel ondersteunde. Het hof achtte het opzet van verdachte op invoer van de cocaïne bewezen.
De Hoge Raad oordeelt dat het verkorte arrest niet alle beslissingen over verzoeken bevatte, wat formeel niet correct is, maar dat dit geen cassatiegrond oplevert. Het verzoek tot psychiatrisch onderzoek was onvoldoende onderbouwd, vooral gezien het vrijwillige alcohol- en drugsgebruik van verdachte. De Hoge Raad bevestigt dat het hof het bewijs en de motieven voldoende en begrijpelijk heeft gemotiveerd en wijst het cassatieberoep af.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor opzettelijke invoer van cocaïne wordt bevestigd.