ECLI:NL:PHR:2002:AE2175
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beperking werkgeversaansprakelijkheid bij bewijsrisico bedrijfsongeval
In deze zaak vordert de werknemer een verklaring voor recht en schadevergoeding wegens een vermeend bedrijfsongeval tijdens haar werkzaamheden bij de werkgever. De werkgever betwist dat het ongeval heeft plaatsgevonden en stelt dat zij pas veel later op de hoogte werd gesteld van het vermeende incident.
De rechtbanken legden de bewijslast bij de werknemer neer om te bewijzen dat het ongeval heeft plaatsgevonden en tijdig is gemeld. De werknemer stelt dat een collega het incident heeft waargenomen, wat volgens haar de bewijslast naar de werkgever zou moeten verleggen.
De Hoge Raad oordeelt dat op grond van art. 7:658 BW Pro de werkgever alleen aansprakelijk is voor schade die tijdens de werksituatie is ontstaan. De bewijslast blijft bij de werknemer om dit te stellen en te bewijzen. Het enkele feit dat een collega iets heeft waargenomen, leidt niet tot een omkering van de bewijslast of aansprakelijkheid van de werkgever. De Hoge Raad wijst het cassatieberoep af en bevestigt de beperkte reikwijdte van werkgeversaansprakelijkheid en de bewijslastverdeling.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de werkgever is niet aansprakelijk omdat niet is bewezen dat het ongeval tijdens het werk heeft plaatsgevonden.