ECLI:NL:PHR:2002:AE2117
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geen smartengeld bij post-sterilisatie geboorte zonder geestelijk letsel
In deze zaak gaat het om de aansprakelijkheid van de Stichting Katholieke Universiteit (KUN) wegens een mislukte sterilisatie, waarbij de vrouw een ongewenst kind kreeg. Zij vorderde schadevergoeding voor verlies aan verdiencapaciteit en smartengeld wegens de gevolgen van de geboorte. De rechtbank kende een beperkte vergoeding toe voor de keizersnede, maar wees de overige vorderingen af. Het hof vernietigde het vonnis deels en erkende een aantasting van de persoonlijke levenssfeer, maar oordeelde dat geen sprake was van geestelijk letsel dat smartengeld rechtvaardigt.
De Hoge Raad bevestigt dat onder het oude recht smartengeld alleen toekomt bij geestelijk of lichamelijk letsel. De verstoring van toekomstverwachtingen en de geboorte van een ongewenst kind zijn onvoldoende voor vergoeding van immateriële schade zonder dat er sprake is van ernstig geestelijk letsel. De Raad overweegt uitgebreid de maatschappelijke en juridische overwegingen, waaronder internationale vergelijkingen en de noodzaak van terughoudendheid.
De Hoge Raad wijst ook op de problematiek van bewijs van hypothetische arbeidsinkomsten en bevestigt dat de vrouw onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij zonder zwangerschap het minimumloon had kunnen verdienen. Het verzoek om een voorlopig deskundigenonderzoek werd afgewezen. De conclusie is dat de vordering tot smartengeld buiten gevallen van geestelijk letsel niet toewijsbaar is, en dat de procedurele klachten ongegrond zijn.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt dat smartengeld niet toekomt zonder geestelijk letsel en wijst de vordering wegens verlies aan verdiencapaciteit af wegens onvoldoende bewijs.