Uitspraak
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
[Appellant],
DE MINISTER VAN ARBEID, ENERGIE EN INTEGRATIE,
INLEIDING
BEOORDELING
Waarom heeft appellante asiel aangevraagd (het asielrelaas)?
De behandeling van het bezwaar en beroep heeft ruim 46 maanden geduurd. De redelijke termijn is daarmee met ruim 22 maanden overschreden. Deze overschrijding komt (afgerond) voor 2/5 deel voor rekening van verweerder en voor 3/5 deel voor rekening van het gerecht. Voor de vaststelling van de hoogte van de immateriële schadevergoeding gaat het Hof uit van een tarief van Afl. 500,- per half jaar dat de redelijke termijn is overschreden, waarbij het totaal van de overschrijding naar boven wordt afgerond. De totale aan appellante te betalen vergoeding bedraagt derhalve Afl. 2.000,-. Een bedrag van Afl. 800,- dient te worden betaald door verweerder. De minister belast met justitie dient een bedrag van Afl. 1.200,- aan appellant te betalen (ECLI:NL:OGHACMB:2024:178).
BESLISSING
- verklaart het beroep ongegrond.
- veroordeelt verweerder om aan appellant een vergoeding van immateriële schade van Afl. 800,- wegens overschrijding van de redelijke termijn te betalen;
- veroordeelt de minister belast met justitie om aan appellant een vergoeding van immateriële schade van Afl. .1200,- wegens overschrijding van de redelijke termijn te betalen;
- veroordeelt verweerder tot betaling van de door appellant voor dit geding gemaakte kosten aan rechtskundige bijstand, begroot op Afl. 175,-.
binnen zes wekenna de dagtekening van deze uitspraak.
- het hoger beroepschrift indienen in tweevoud;
- een afschrift van deze uitspraak bijvoegen;
- vermelden waarom hij het niet eens is met de uitspraak (hoger beroepsgronden).