Uitspraak
1.Procesverloop
2.Uitgangspunten en feiten
going concernhouden van FPA, voldoende openheid van zaken heeft gegeven en of hij Bank Degroof voldoende (tijdig) heeft geïnformeerd over het bestaan van de vordering op het advocatenkantoor, en daarmee over de te verwachten opbrengsten binnen de FPA-structuur. Concreet komt dit neer op de vraag of [eiser 2], ten tijde van het hem verweten handelen of nalaten, ernstig rekening had moeten houden met de mogelijkheid dat, ondanks de mogelijk nog te genereren opbrengsten binnen de FPA-structuur, een vordering van Bank Degroof op FPA zou resteren. Daarvoor kan van belang zijn of [eiser 2] ermee rekening moest houden dat de procedure tegen het advocatenkantoor onvoldoende zou opbrengen om FPA in staat te stellen haar schuld aan Bank Degroof te voldoen en of [eiser 2] kan worden verweten dat bij de belangen van Bank Degroof heeft verwaarloosd door de bank niet vóór de Alstonville-schikking te informeren. (rov. 5.20)
Bij aandeelhouderbesluit is besloten tot liquidatie en hetgoing concern
houden van FPA
De door aan [eisers] gelieerde ondernemingen aan FPA verstrekte leningen zijn in maart 2018 kwijtgescholden en operationele kosten zijn voldaan
De wijze waarop de Weaver-vordering en vervolgens de advocatenkantoor-vordering zijn afgewikkeld
Het bedrag waarvoor een schikking is getroffen met het advocatenkantoor is voor een groot deel toegekomen aan een vennootschap gelieerd aan [eiser 2] (Eikofin)
Bank Degroof is als grote schuldeiser van FPA niet betrokken bij de (afwikkeling van de) met het advocatenkantoor tot stand gekomen schikking
Er is geen enkele voorziening getroffen voor de Bank ten behoeve van het (mogelijk) alsnog kunnen voldoen van de openstaande schuld op FPA
3.Beoordeling van het middel
4.Beslissing
12 juni 2026.