Uitspraak
1.Het geding in feitelijke instanties en de prejudiciële procedure
2.Uitgangspunten en feiten
Deliveroo-arrest van 24 maart 2023. [1] De zaak gaat verder over de vraag of de rechter op basis van art. 3 lid 2 Wet Pro op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten (hierna: Wet AVV) een algemeen oordeel kan geven over de kwalificatie van overeenkomsten van werkenden, allen werkzaam bij dezelfde opdrachtgever/werkgever.
(…).”
3.Beantwoording van de prejudiciële vragen
Deliveroo-arrest [4] heeft de Hoge Raad over de vraag wanneer een overeenkomst moet worden aangemerkt als een arbeidsovereenkomst het volgende overwogen (de nummering van omstandigheden in rov. 3.2.5 is toegevoegd; voetnoten zijn weggelaten):
Deliveroo-arrest genoemde omstandigheden, besproken. (rov. 5.5)
Deliveroo-arrest, rov. 3.2.5). De Hoge Raad heeft in het
Deliveroo-arrest tussen de genoemde omstandigheden die onder meer van belang kunnen zijn, geen rangorde aangebracht. Op dit terrein is wetgeving in voorbereiding. [6] De Hoge Raad ziet voor het aanbrengen van een rangorde ook thans geen aanleiding. Ook de omstandigheid (ix) “of degene die de werkzaamheden verricht zich in het economisch verkeer als ondernemer gedraagt of kan gedragen, bijvoorbeeld bij het verwerven van een reputatie, bij acquisitie, wat betreft fiscale behandeling, en gelet op het aantal opdrachtgevers voor wie hij werkt of heeft gewerkt en de duur waarvoor hij zich doorgaans aan een bepaalde opdrachtgever verbindt”, is niet als zodanig van ander gewicht dan de andere genoemde omstandigheden.
Deliveroo-arrest dat ook van belang kan zijn of degene die de werkzaamheden verricht zich in het economisch verkeer als ondernemer gedraagt of kan gedragen, bijvoorbeeld bij het verwerven van een reputatie, bij acquisitie, wat betreft fiscale behandeling, en gelet op het aantal opdrachtgevers voor wie hij werkt of heeft gewerkt en de duur waarvoor hij zich doorgaans aan een bepaalde opdrachtgever verbindt. Deze volzin bevat geen beperking tot omstandigheden die zich voordoen in de, door de te kwalificeren overeenkomst beheerste, verhouding tussen degene die de werkzaamheden verricht en de opdrachtgever/werkgever. Een beperking zoals in de derde prejudiciële vraag aangeduid als ‘visie 1’ verdraagt zich ook niet met het feit dat in rov. 3.2.5, tweede volzin, van het
Deliveroo-arrest omstandigheden zijn genoemd die zich voordoen in de verhouding tussen degene die de werkzaamheden verricht en de opdrachtgever/werkgever en die al dan niet aanwijzingen kunnen vormen dat degene die de werkzaamheden verricht dat als ondernemer doet. Te denken valt bijvoorbeeld aan de omstandigheid of degene die de werkzaamheden verricht daarbij commercieel risico loopt.
Deliveroo-arrest, ook ziet op omstandigheden die zich niet in de, door de te kwalificeren overeenkomst beheerste, verhouding tussen degene die de werkzaamheden verricht en de opdrachtgever/werkgever voordoen.
4.Beslissing
21 februari 2025.