ECLI:NL:HR:2022:181
Hoge Raad
- Artikel 80a RO-zaken
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk in zaak WIA-uitkering
Belanghebbende, vertegenwoordigd door R. Durusu, stelde beroep in cassatie in tegen een uitspraak van het Centrale Raad van Beroep inzake een besluit op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA).
De Hoge Raad heeft de ontvankelijkheid van het cassatieberoep beoordeeld en gelet op de inhoud van de klachten, het advies van de procureur-generaal en de toepasselijke wettelijke bepalingen, geoordeeld dat het beroep duidelijk niet kan slagen.
Daarom heeft de Hoge Raad het beroep zonder nadere motivering niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie. Er is geen veroordeling in proceskosten opgelegd.
Het arrest is uitgesproken door de vice-president als voorzitter en twee raadsheren, in aanwezigheid van de waarnemend griffier, op 11 februari 2022.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard met toepassing van artikel 80a RO.