Uitspraak
1.Geding in cassatie
2.Beoordeling van het middel
3.Slotsom
4.Beslissing
14 februari 2017.
Hoge Raad
De verdachte werd door het hof schuldig bevonden aan diefstal en/of gekwalificeerde verduistering van een geldbedrag van 28.660 euro, toe te schrijven aan Aldi filiaal Westkanaalweg. Het hof verklaarde bewezen dat de verdachte het geld wederrechtelijk had toegeëigend, hetzij door het niet afstorten van stortingszakjes (verduistering), hetzij door het achteraf uit de kluis halen van gestorte zakjes (diefstal).
Het hof maakte echter geen expliciete keuze tussen deze alternatieven, terwijl deze keuze van belang is voor de strafrechtelijke betekenis van het bewezenverklaarde. Hierdoor heeft het hof niet op de grondslag van de tenlastelegging beslist.
De Hoge Raad oordeelt dat het nalaten van deze keuze een fundamentele rechtsfout is, waardoor het arrest niet in stand kan blijven. De zaak wordt vernietigd en terugverwezen naar het Gerechtshof Den Haag voor hernieuwde berechting op basis van een duidelijke keuze tussen de alternatieven.
De Hoge Raad bevestigt hiermee het belang van een duidelijke bewezenverklaring en kwalificatie in strafzaken, vooral wanneer alternatieve feiten worden tenlastegelegd die verschillende strafrechtelijke gevolgen hebben.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting met een duidelijke keuze tussen diefstal en gekwalificeerde verduistering.