ECLI:NL:HR:2013:CA3934
Hoge Raad
- Cassatie
- M.W.C. Feteris
- C. Schaap
- P.M.F. van Loon
- R.J. Koopman
- Th. Groeneveld
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid bezwaar WOZ en weigert kostenvergoeding
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van een woning die zij had verkregen uit een nalatenschap. De heffingsambtenaar verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk en stelde later ambtshalve een lagere waarde vast. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar het hof vernietigde deze uitspraak en kende een vergoeding van de kosten toe.
De Hoge Raad oordeelde dat het bezwaar prematuur was omdat het verzoek op grond van artikel 26 Wet Pro WOZ een nieuwe beschikking betreft en het bezwaar pas ontvankelijk kan zijn nadat deze beschikking is genomen. Hierdoor was het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard.
Daarnaast oordeelde de Hoge Raad dat een vergoeding van kosten op grond van artikel 7:15 Awb Pro alleen mogelijk is bij herroeping van een besluit naar aanleiding van bezwaar. Omdat hier sprake was van een ambtshalve vaststelling en geen herroeping, was geen vergoeding verschuldigd. De uitspraak van het hof werd vernietigd en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de niet-ontvankelijkheid van het bezwaar en wijst de vergoeding van kosten af.