ECLI:NL:HR:2012:BW5132
Hoge Raad
- Cassatie
- W.A.M. van Schendel
- B.C. de Savornin Lohman
- H.A.G. Splinter-van Kan
- Y. Buruma
- J. Wortel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing wegens onvoldoende bewijs deelneming aan criminele organisatie
De Hoge Raad behandelde het cassatieberoep van een verdachte die werd verdacht van deelneming aan een criminele en terroristische organisatie. De tenlastelegging betrof deelname aan een organisatie met het oogmerk het plegen van diverse strafbare feiten, waaronder opruiing tegen het openbaar gezag en het verspreiden van opruiende geschriften.
Het hof had vastgesteld dat de verdachte meerdere bijeenkomsten had bijgewoond waarin over gewelddadige verspreiding van islamitisch gedachtegoed werd gesproken en dat hij zich inspande om dit gedachtegoed over te brengen. Ook was er sprake van het aanwezig hebben van documenten en beeldmateriaal met betrekking tot de gewelddadige jihad. Desondanks oordeelde de Hoge Raad dat uit deze gedragingen niet zonder meer kon worden afgeleid dat de verdachte daadwerkelijk een aandeel had gehad in, of gedragingen had ondersteund die strekten tot de verwezenlijking van het oogmerk van de organisatie. De bewezenverklaring was daarom onvoldoende gemotiveerd.
Daarnaast oordeelde de Hoge Raad over het begrip 'openbaar gezag' in de artikelen 131 en 132 Sr. Het hof had geoordeeld dat dit begrip ook betrekking kon hebben op openbaar gezag buiten Nederland, mits het Nederlandse openbaar gezag daardoor in gevaar werd gebracht. De Hoge Raad stelde dat het begrip 'openbaar gezag' in deze artikelen moet worden uitgelegd als het Nederlandse openbaar gezag.
De Hoge Raad vernietigde het arrest van het hof en verwees de zaak naar het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch voor hernieuwde berechting op het bestaande hoger beroep.
Uitkomst: Arrest van het hof vernietigd wegens onvoldoende gemotiveerde bewezenverklaring deelneming; zaak verwezen voor hernieuwde berechting.