ECLI:NL:HR:2012:BR4486
Hoge Raad
- Cassatie
- D.G. van Vliet
- P. Lourens
- C.B. Bavinck
- E.N. Punt
- M.A. Fierstra
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt levering schoolgebouw als levering in de zin van de Wet OB ondanks beperkingen vervreemdingsbevoegdheid
Belanghebbende, de gemeente Gemert-Bakel, bouwde een nieuw schoolgebouw en bracht de omzetbelasting op de bouwkosten in aftrek. Vervolgens leverde zij het gebouw civielrechtelijk aan een stichting die het bevoegd gezag vormt, waarbij omzetbelasting werd berekend en voldaan. De Inspecteur stelde dat de aftrek ten onrechte was toegepast en legde een naheffingsaanslag en een boete op wegens vermeende opzet of grove schuld.
De Rechtbank vernietigde de boetebeschikking en verminderde de naheffingsaanslag, maar het Hof verklaarde de levering niet als zodanig en vernietigde de boete-uitspraak. De Hoge Raad stelt dat de levering wel als een levering in de zin van de Wet OB moet worden aangemerkt, omdat het bevoegd gezag de feitelijke macht en het economische belang heeft, ondanks beperkingen in de vervreemdingsbevoegdheid volgens de Wet op het voortgezet onderwijs.
Daarnaast oordeelt de Hoge Raad dat het Hof ten onrechte niet heeft gemotiveerd waarom sprake zou zijn van grove schuld bij het niet tijdig voldoen van de omzetbelasting. Het arrest van het Hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen naar het Gerechtshof Arnhem voor verdere behandeling. De Staatssecretaris wordt veroordeeld in de kosten van het cassatieproces.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest Hof en verwijst zaak terug voor verdere behandeling met oordeel dat levering schoolgebouw aan bevoegd gezag een levering in de zin van de Wet OB is.