ECLI:NL:HR:2012:BQ6575
Hoge Raad
- Cassatie
- A.J.A. van Dorst
- B.C. de Savornin Lohman
- H.A.G. Splinter-van Kan
- W.F. Groos
- Y. Buruma
- Rechtspraak.nl
Begrip 'goed' in art. 310 Sr en bewijsuitsluiting verklaring verdachte
In deze cassatiezaak oordeelt de Hoge Raad over de kwalificatie van belminuten en sms-berichten als 'goed' in de zin van art. 310 Sr Pro en over de bewijsuitsluiting van een verklaring van de verdachte.
De verdachte werd door het hof veroordeeld voor diefstal van belminuten en sms-berichten die toebehoorden aan zijn voormalige werkgever. De verdediging stelde dat deze niet als 'goed' konden worden aangemerkt. De Hoge Raad bevestigt dat belminuten en sms-berichten, vanwege hun economische waarde en functie in het maatschappelijk verkeer, wel degelijk als goed kunnen worden beschouwd.
Daarnaast oordeelt de Hoge Raad dat de verklaring van de verdachte tegenover de politie, die zonder voorafgaande waarschuwing over het recht op een advocaat is afgelegd, uitgesloten had moeten worden van het bewijs. Het hof had deze verklaring onterecht gebruikt. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest en verwijst de zaak terug naar het hof voor hernieuwde berechting.
Het arrest bevat tevens een uitgebreide bespreking van eerdere jurisprudentie over het begrip 'goed' en de toepassing van art. 310 Sr Pro op niet-stoffelijke objecten zoals elektriciteit en giraal geld.
De Hoge Raad benadrukt het belang van het recht op raadpleging van een advocaat voorafgaand aan het politieverhoor en de noodzaak van bewijsuitsluiting bij schending daarvan.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onterecht gebruik van een verklaring die uitgesloten had moeten worden en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting.