ECLI:NL:HR:2011:BT7470
Hoge Raad
- Cassatie
- C. Schaap
- M.W.C. Feteris
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid bezwaar wegens overschrijding bezwaartermijn zonder poststempel
Belanghebbende kreeg voor het jaar 2005 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd. Tegen deze aanslag werd een bezwaarschrift ingediend dat door de Inspecteur niet-ontvankelijk werd verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn. De rechtbank en het hof bevestigden deze beslissing. Het bezwaarschrift was ongefrankeerd en ontbeerde een poststempel, en werd pas na de termijn ontvangen.
De Hoge Raad overwoog dat bij verzending per post de afzender verantwoordelijk is voor het verrichten van alle noodzakelijke handelingen, waaronder voldoende frankering. Indien een ongefrankeerd stuk toch door de postdienst wordt bezorgd en niet wordt geweigerd, kan het als ingediend worden beschouwd. Echter, de bewijslast voor tijdige terpostbezorging ligt bij de afzender.
In dit geval ontbrak een leesbaar poststempel en was het bezwaarschrift meer dan twee werkdagen na de termijn ontvangen, waardoor het hof terecht oordeelde dat tijdige terpostbezorging niet aannemelijk was gemaakt. Klachten tegen dit oordeel faalden, evenals het beroep op een inmiddels ingetrokken beleidsregel die een ruimere termijn toestond.
De Hoge Raad verklaarde het cassatieberoep ongegrond en veroordeelde belanghebbende niet in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het bezwaarschrift wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn zonder bewijs van tijdige terpostbezorging.