ECLI:NL:HR:2011:BT2290
Hoge Raad
- Cassatie
- C. Schaap
- J.W.M. Tijnagel
- A.H.T. Heisterkamp
- M.W.C. Feteris
- R.J. Koopman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling kosten in rekening gebrachte betekeningskosten dwangbevel na vervallen uitstel betaling
Belanghebbende kreeg naheffingsaanslagen loonbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd over 2006. Na aanmaningen en bezwaar werd uitstel van betaling verleend. Na vervallen van dit uitstel vervolgde de ontvanger de invordering met dwangbevelen, waarbij kosten voor betekening in rekening werden gebracht.
De rechtbank vernietigde de kostenbeschikkingen, het hof bevestigde dit oordeel. De minister stelde beroep in cassatie in tegen het hof. De Hoge Raad oordeelde dat de ontvanger na het vervallen van het uitstel een nieuwe redelijke termijn moet stellen en de eerdere aanmaning in herinnering moet brengen voordat een dwangbevel kan worden uitgevaardigd.
Omdat de ontvanger dit naliet, waren de kosten voor betekening onterecht. De Hoge Raad verklaarde de beroepen ongegrond en veroordeelde de staatssecretaris in de proceskosten. Hiermee werd bevestigd dat het zorgvuldigheidsbeginsel en de wettelijke bepalingen uit de Invorderingswet 1990 een nieuwe aanmaning vereisen na het vervallen van uitstel van betaling.
Uitkomst: De Hoge Raad verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt dat de kosten voor betekening van dwangbevelen onterecht zijn opgelegd.